Agenda dierbeleid
Het ministerie had de Raad voor Dierenaangelegenheden (RDA) gevraagd op een rijtje te zetten welke ethische kwesties op het gebied van dierenwelzijn en diergezondheid de komende jaren door LNV aangepakt zouden moeten worden. De RDA vindt dat in het debat over het houden van en omgaan met dieren in Nederland te veel langs elkaar heen wordt gepraat. ‘Niemand lijkt meer in staat om alle relevante feiten en argumenten eerlijk tegen elkaar af te wegen’, schrijft de RDA. Een eerlijke en rationele discussie is pas mogelijk als Nederlanders weten hoe het echt toegaat in de dierhouderij.
Dierenwelzijn onderdeel afwegingsmodel
De RDA adviseert de minister daarom om tot een breed afwegingsmodel te komen waarin alle factoren die van belang zijn voor het dierbeleid, worden meegewogen. Naast dierenwelzijn en diergezondheid zijn dat volksgezondheid, economie, ruimtelijke ordening en milieu. Ook zou het ministerie een politieke discussie moeten aanzwengelen over de vraag waarom wij het moreel aanvaardbaar achten dat de mens dieren houdt en voor welke doelstellingen wij dat aanvaardbaar achten. Daarvoor is nodig dat men beschikt over voldoende kennis en dat men zich bewust is van en nagedacht heeft over zijn eigen principes. Om dat mogelijk te maken zouden kinderen al op de basisschool weer moeten leren over dieren, dierhouderij en dierenwelzijn.
Maatschappelijke discussie
De RDA heeft voor het ministerie een lijst gemaakt van onderwerpen waarover de maatschappelijke opvattingen sterker zijn gaan conflicteren. Deze onderwerpen zouden de komende kabinetsperiode aan de orde moeten komen:
- De dierlijke productie in Nederland
- De rol van de overheid bij marktwerking en dierenwelzijn
- Schaalgrootte in de dierhouderij
- Het transport van levende dieren over grote afstanden
- Het doden van dieren
- Het fokken van dieren met welzijnsbedreigende raskenmerken
- Het welzijn van niet- en semigehouden dieren in natuurgebieden. Net als voor gehouden dieren is de Raad van mening dat er een aparte zienswijze moet komen ten aanzien van niet- en semigehouden dieren, onder andere vanwege de publieke en politieke debatten over het welzijn van grote grazers in natuurgebieden.