Paardenmarkt-Jacqueline Resink_RDA

Nieuws

Betere borging welzijn paarden nodig op paardenmarkten

Gepubliceerd op
18 maart 2017

Voor paardenmarkten kan in Nederland een plek blijven, maar daarvoor is een betere borging van het dierenwelzijn nodig. Dat adviseert de Raad voor Dierenaangelegenheden (RDA) aan de hand van een deze week verschenen zienswijze.

Het advies, getiteld 'Paardenmarkten in Nederland, Man en Paard' is opgesteld op verzoek van staatssecretaris Martijn van Dam van Economische Zaken. De RDA heeft zich ter voorbereiding van dit advies gebogen over de risicofactoren voor het welzijn van paarden zowel op de markt zelf als bij het vervoer naar en van de markt.

Welzijn paarden op paardenmarkten

Paardenmarkten zijn een vertrouwd verschijnsel in veel Nederlandse plaatsen. De huidige paardenmarkten - een kleine honderd - worden vaak gecombineerd met andere evenementen zoals kermissen en shows. De laatste jaren stuiten ze steeds vaker op maatschappelijke weerstand. Dat komt deels doordat er incidenteel overtredingen worden waargenomen van de welzijnsnormen uit de wet Dieren en het Besluit houders van dieren, deels ook doordat er meer in het algemeen vragen zijn over de welzijnseffecten voor de betrokken paarden. Staatssecretaris van Economische Zaken heeft daarom aan de RDA gevraagd om advies te geven omtrent zijn streven paardenmarkten los te koppelen van ‘stressvolle evenementen’ en om mogelijkheden om de risico’s van incidenten te beperken. Vervolgens vroeg hij om in overleg met gemeenten te bepalen hoe de geadviseerde maatregelen onderdeel kunnen worden van het plaatselijke vergunningenbeleid.

Aanbevelingen

De RDA concludeert dat het houden van paardenmarkten in Nederland op zichzelf acceptabel is, mits er voldoende waarborgen zijn voor het welzijn van de paarden. Daartoe is het volledig ontkoppelen van paardenmarkten en publieksevenementen niet direct nodig. De Raad doet onder meer de volgende aanbevelingen om het welzijn van paarden op paardenmarkten te borgen:

  • Aanscherping en uitbreiding van het Protocol Welzijn Paardenmarkten. Daarbij kan het gaan om strakkere regels voor het aanbinden van de dieren, de ondergrond waarop ze staan, de drinkwatervoorziening, het voorkomen van incidenten, het afschermen van de paarden van onnodige onrust en het registreren van paard en houder bij aankomst op de markt. Ook adviseert de Raad om een welzijnsevaluatie door een externe expert verplicht te stellen;
  • Versterking van de handhaving van de regelgeving. Voor een betere handhaving kan het aangepaste Protocol Welzijn Paardenmarkten bijvoorbeeld in de Algemene Plaatselijke Verordening verankerd worden. Het bevoegd gezag moet ook een welzijnsevaluatie opstellen of op laten stellen tijdens de markt. Dit biedt handvatten om de effectiviteit van maatregelen te beoordelen en hier lessen uit te trekken bij het verlenen van toestemming voor een markt;
  • Preventie van lange transporten die voorkómen kunnen worden. Eventuele lange transporten van de dieren naar en van paardenmarkten vormen een belangrijk welzijnsrisico;
  • Sluitend maken van de identificatie en registratie (I&R) van paarden. De houder van het paard is altijd verantwoordelijk voor het welzijn van het dier, benadrukt de Raad in zijn advies. De RDA adviseert dan ook om identiteit van paard én houder bij aankomst op de markt te controleren.

De Raad start nu de tweede fase van de zienswijze. In deze tweede fase zal Raad zijn zienswijze actief delen met gemeenten. Dit doet hij door de vijf gemeenten met grote paardenmarkten te bezoeken en alle andere gemeenten te informeren en indien gewenst nadere toelichting te geven. De eindbevindingen rapporteert de Raad vervolgens aan de staatssecretaris.

(Bron foto: Paardenmarkt_Jacqueline Resink_RDA)