koeien, foto Pixabay

Nieuws

Kennisvragen over hittestress bij koeien

Gepubliceerd op
14 januari 2019

Hittestress is een aandachtspunt onder Nederlandse melkveehouders, zeker na de hete zomer van 2018. Uit onderzoek blijkt dat koeien al hittestress ervaren bij temperaturen tussen de 20-24°C. Maar er zijn nog veel vragen voor de praktijk. Hoe pas je het rantsoen aan? Welke aanpassingen in weidemanagement zijn nodig?

Het klimaat in Nederland verandert. Het in september verschenen onderzoeksrapport over hittestress meldt dat de gemiddelde temperatuur in De Bilt is toegenomen van 16,1°C in 1981 naar 17,0°C in 2010. De verwachting is dat die gemiddelde temperatuur in 2030 stijgt naar 17,9°C. Ook het aantal zomerse dagen, met temperaturen van boven de 25 °C nam toe van 13 naar 21.

Warme dagen

Bij Holstein koeien is er sprake van hittestress als de temperatuur boven de 20-24°C ligt. Er is dan een onbalans tussen de warmteproductie in de koe en de mogelijkheid om deze warmte kwijt te raken aan de omgeving. In de Bilt zijn er gemiddeld 85 warme dagen waarbij de temperatuur boven de 20°C uitkomt. Dit betekent dat op bijna een kwart van de dagen in het jaar in Nederland kans bestaat op hittestress. Het KNMI meldt dat de zomer van 2018 113 warme dagen telde.

Wageningse onderzoekers hebben een literatuuronderzoek uitgevoerd om de effecten van hittestress in beeld te brengen. Ze besteedden aandacht aan hittestress  tijdens weidegang en keken naar het effect op de melkproductie, gezondheid en welzijn van melkkoeien en de economische gevolgen daarvan. Ook is gekeken naar mogelijkheden om de effecten tegen te gaan.

Effecten

Het literatuuronderzoek leverde veel informatie op. Zo meldt het rapport dat hittestress zorgt voor een daling in de melkproductie, waarbij dalingen tot -12% zijn gerapporteerd. Hittestress heeft ook een negatief effect op het vet- en eiwitgehalte in de melk, met dalingen tot -16% en -17% respectievelijk. Ook zie je dat tijdens warme perioden het tankmelkcelgetal hoger ligt.

Verder noemen de onderzoekers een negatief effect van hittestress op het drachtigheidspercentage. Bij hoogproductieve koeien is die afname het sterkst. En het effect is groter bij een langdurige periode van hittestress.

Schaduw

Schaduwverstrekking kan de effecten wat tegengaan. Zo leidt schaduwverstrekking tot een betere melkproductie, waarbij stijgingen tot 5% zijn gerapporteerd. Schaduw leidt ook tot een iets lagere lichaamstemperatuur, een lagere ademhalingsfrequentie. Wanneer schaduw wordt aangeboden, maken koeien er ook gebruik van.

In een workshop met melkveehouders zijn verschillende oplossingen naar voren gekomen zoals de aanpassing van de weidegang, inzetten van monitoringtools, aanpassing van de samenstelling van het voer en het verstrekken van schaduw door zonneschermen, schaduwdoeken of bomen. Maar er zijn ook nog kennishiaten geconstateerd.

Vragen voor de praktijk

Zo zou er een goede hittestress indicator met drempelwaarden voor de Nederlandse melkveehouderij moeten worden ontwikkeld. Voor de praktijk spelen met name vragen rondom aanpassingen in het vee- en weidemanagement, en wijzigingen in het rantsoen, en schaduwverstrekking tijdens warme perioden.

De onderzoekers stellen dat gezien de verwachte klimaatveranderingen, de koe van de toekomst over een groter adaptief vermogen moet beschikken dan de huidige koe. Aandachtspunten voor onderzoek naar langere termijneffecten zijn met name vruchtbaarheid, gezondheid en de effecten van hittestress tijdens droogstand en transitie op de volgende lactatie en kalfprestaties.

(Bron foto: Pixabay)